In het mortuarium werden we opgevangen door Kristel, zij zou de verzorging doen. We kwamen in een betegelde ruimte, met in het midden een ijzeren tafel op wieltjes, met daarop het lichaam van papa. Ze had hem wel een soort van broekje aangedaan, omdat ze dacht dat we het niet prettig zouden vinden om onze vader helemaal naakt aan te treffen. Dat was inderdaad fijn, niet zozeer voor ons, maar vooral uit respect voor papa, tenslotte was hij altijd erg preuts geweest naar ons toe. Ik geloof niet dat ik hem ooit helemaal naakt heb gezien. En dit was dus niet bepaald het moment om daar ineens verandering in te brengen.
Hij lag erg houterig, want de lijkstijfheid was inmiddels ingetreden. Hoewel zijn borst nog altijd niet helemaal koud aanvoelde, gelukkig maar. Nog een laatste beetje “leven” wat we konden voelen. Kristel legde uit hoe we te werk zouden gaan. Babiche en Jeroen hielpen mee, sokken, onderbroek, pantalon. Maar ik trok het even niet meer. Het kwam op mij over als “sollen” met papa en ik kon alleen maar huilen, hij lag er zo akelig bij, op die kille ijzeren tafel. Het was voor mij een beetje teveel van het goede. Dit was niet mijn vader die daar lag, maar een of andere onwillige wassen pop. Ik voelde me ook als een klein meisje, wiens vader veel te vroeg was doodgegaan. Maar toen hadden ze hem zijn overhemd aangetrokken. En vervolgens kwam het befje en het vest. En langzaam kwam papa weer terug. Met elk kledingstuk werd het weer steeds meer mijn vader. Zijn jas werd aangedaan en we besloten de pet in zijn handen te leggen, alsof hij zelf bij de begrafenis van Knillis stond.
Omdat hij nu weer papa was, kon ik wel meehelpen met het in model brengen van zijn haren. Babiche knipte zijn snor en wenkbrauwen nog wat bij en we gaven aanwijzingen aan Kristel bij het “opvullen” van zijn wangen, want die waren vreselijk ingevallen. Daarna werden zijn gezicht en handen wat gepoederd om zijn bleke huidskleur te verminderen. En toen, als bij toverslag was het weer de vader die hij was, voordat hij ziek werd.
Er werden een soort riemen onder hem door geschoven en aan haken vastgemaakt boven hem, die vastzaten aan een soort lift. De kist werd er naast gereden en papa werd met hulp van ons opgetakeld en voorzichtig in de kist gelegd. Dit was een heel mooi moment om samen te kunnen doen. Toen alle details van de kist afgewerkt waren namen we nog 1 keer afscheid van papa. Hij voelde nog altijd niet heel erg koud aan, dus ik gaf hem nog een kus op zijn voorhoofd en een kneepje in zijn handen.
Daarna gingen we met Karin, de uitvaartverzorgster, om de tafel zitten om de puntjes op de i te zetten. De kaarten waren klaar, en een draaiboek van de komende dagen. We hadden besloten om op donderdag een privé afscheid te hebben, zodat we de kinderen in alle rust afscheid van opa konden laten nemen en op vrijdag een openbaar afscheid. Toen we alles afgehandeld hadden zijn we meegegaan naar Babiche, Jeroen ging terug naar huis. Bij Babiche en Theo hebben we eerst gegeten en toen zijn we als een gek kaarten gaan vouwen, postzegels plakken en kaarten in de enveloppen gedaan. Babiche was ondertussen druk bezig met het printen van de adresetikettten en die moesten daarna ook nog op alle enveloppen geplakt worden.
Voor 21.30 moesten de kaarten afgegeven zijn bij TNT om ze de volgende dag bezorgd te krijgen. Dat is op het nippertje gelukt.
Thuis gekomen was ik zo verschrikkelijk moe, zodra ik mijn kussen raakte sliep ik. Een hele diepe, vaste slaap.
Donderdagochtend hebben we eerst een beetje uitgeslapen. Mijn schoonmoeder was er, zij was al met de kinderen naar beneden gegaan, zodat Gijs en ik wat langer konden blijven liggen. Rond half 11 zijn we naar beneden gegaan en vroegen Peter en Zoë om er even bij te komen zitten. Ik zat tussen ze in en vertelde ze dat opa de vorige dag was dood gegaan. Zoë is nog te jong om echt te beseffen wat deze boodschap inhield, maar Peter werd gaandeweg steeds stiller. Uiteindelijk ging hij naar boven en is een half uurtje op zijn kamer gaan zitten. Daarna kwam hij weer naar beneden en ging weer spelen.
’s Middags zijn Gijs en ik naar Els gegaan. Het bed was inmiddels opgehaald en op een paar dozen met sondevoeding na herinnerde eigenlijk niets aan het ziekbed van papa. We zaten te dubben over een tekst voor op het bidprentje, toen de dochter van Els opperde om in papa’s boekje met “rijmelarijtjes” iets te zoeken. Els en ik pakten het erbij en al bij het eerste gedichtje waren we het erover eens, dat moest hem worden. Een gedichtje over papa’s jeugd in “ons hûske aon d’n dijk”. De foto hadden we op woensdag al bepaald, een foto van toen papa een jaar of 10 was, met een roeispaan in zijn handen en een pietje bell uitdrukking op zijn gezicht.
Aan het eind van de middag hadden we een privé afscheid in het mortuarium. Zowel Peter als Zoë hadden aangegeven opa nog te willen zien, dus zij gingen ook mee. We werden naar de ruimte gebracht waar papa was opgebaard. Eerst ging ik zelf even bij papa kijken, om me ervan te verzekeren dat hij er “goed bij lag” en voor een momentje alleen. Daarna mochten de kinderen ook komen. Peter bleef een beetje op een afstandje van de kist staan, maar Zoë wilde graag alles goed zien en wilde opgetild worden. Ze vond opa’s handen zo mooi en wilde ze aanraken. Ik waarschuwde dat ze zo koud waren als ijsklontjes (dat had ik inmiddels zelf ervaren). Ze legde haar handje op opa’s hand en vond het niet eng, maar wel koud. Ze wilde weten hoe dat kon. Ik legde uit dat er een soort koelkastje onder opa was, omdat dode mensen heel koud moeten blijven, anders zien ze er niet mooi uit. Direct moest er onder het gordijntje gekeken worden natuurlijk, maar er was niets te vinden. Toen zei ik dat opa dan waarschijnlijk na ons bezoek naar een andere kamer ging waar een koelkast was om hem koud te houden, gelukkig was die informatie voldoende en vroeg ze niet of ze daar ook even mocht kijken.
Daarna kregen Peter en Zoë een kistje met stiften en werd het deksel van de kist ondersteboven op de grond gelegd zodat ze erop konden tekenen. Hoewel Peter geen tekenfan is, begon ook hij heel fanatiek aan een mooie tekening. Zoë tekende het kasteel van opa, met oma zwaaiend op het balkon en opa stond buiten ernaast. Een regenboog, zon en een familieauto completeerden de tekening. De tekening van Peter was ook bijzonder. Hij tekende een soort racebaan, die eindigde in een soort hoepel van vuur. Dat was de dood. Opa’s auto reed eerst op de weg ernaartoe, en daarna tekende hij een auto in het midden van de cirkel. Het was opa, op weg naar de dood. Wat er toch allemaal in die koppies omgaat.
Els had eerst niet willen komen, maar we hadden haar geadviseerd om toch naar papa te komen kijken, om het akelige beeld kwijt te kunnen raken van papa op de brancard. Ze kwam samen met mijn oom en tante en was toch blij dat ze gekomen was. Mijn oom zei tegen Jeroen en mij dat hij diep respect had voor het feit dat wij zelf hadden geholpen om papa te verzorgen en dat hij blij was om te zien wat het resultaat was. Papa lag er ook inderdaad erg mooi, alsof hij lag te slapen. Eigenlijk zag hij er nu gezonder uit dan toen hij ziek was. Papa was weer papa en dat was voor iedereen een opluchting.
Ik heb nog wat foto’s gemaakt van papa in de kist, en ook van de mooie tekeningen van de kinderen. Op verzoek van Peter en Zoë heb ik er nog bij geschreven “opa, wil je alsjeblieft voor ons toveren vanuit de hemel? Peter en Zoë” . Peter heeft bedacht dat je alleen kunt toveren als je in de hemel bent. En wie zijn wij om dat te bestrijden? Tenslotte weet niemand wat er allemaal mogelijk is in die hemel!
We gingen weer naar huis. Ik heb papa geen kus meer gegeven, hij voelde zo vreselijk koud aan, dat voelt niet als papa een kus geven. Bovendien heb ik hem nog gekust toen hij net was opgebaard op woensdagmiddag, dat was goed zo. Wel heb ik nog even zijn haar gefatsoeneerd, hoewel dat eigenlijk niet nodig was. Maar dat is het enige dat je dan prettig kunt aanraken zonder het gevoel te hebben een ijsklontje te voelen.
Het voelde op dat moment niet echt als een afscheid, omdat we de volgende dag nog eens terug zouden komen voor het openbare afscheid in het mortuarium.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten