woensdag 14 september 2011

Rare week, de week waarin mijn vader doodging (1)

Wat een rare week, 12-14 september 2011
Toen ik maandag 12 september met de kinderen naar papa ging om ze afscheid van elkaar te laten nemen, had ik niet kunnen vermoeden dat het eigenlijk ook mijn afscheid van hem zou worden. Maar dat werd het wel. Het was de allerlaatste keer dat papa kon communiceren. 
Toen ik op de rand van het bed ging zitten zei hij tegen mij “ik heb het opgegeven meske”. Ik zei dat ik het wist en dat ik het begreep en toen begonnen we allebei te huilen. Ik zei hem dat ik van hem houd en hij zei dat hij ook van ons houdt. We hielden elkaar vast en het was goed zo. Ik heb papa gevraagd of hij me een teken wil geven als hij “goed is aangekomen”, als hij dat kan. Hij vond het een interessant idee en beloofde me, dat als de mogelijkheid er was, zeker een teken te geven. Daarna werden we een beetje giechelig, en heb ik hem officieel toestemming gegeven om bij me te komen spoken. “dan kom je lekker op het voeteneind van m’n bed zitten en kunnen we nog even doorbomen over geschiedenis”. Papa zag het wel zitten. Natuurlijk werden er ook nog wat serieuze zaken doorgesproken, want papa hield tot op het laatst de regie in eigen hand, voor zover dat mogelijk was. 
Daarna werd hij moe, dus riep ik Peter en Zoë om opa welterusten te zeggen. Ze gaven hem allebei een dikke knuffel. Papa maakte zich nog even zorgen of Peter wel op tijd op zwemles zou komen. 


Wie had kunnen vermoeden dat dat het allerlaatste was wat ik papa ooit nog zou horen zeggen? Toen Gijs en ik dinsdagavond kwamen om aanwezig te zijn bij het bedienen, kregen we te horen dat het al de hele dag slecht ging en dat papa niet bij kennis was. Verdomme! Hij had dit zo graag nog willen doen met z’n allen. Nog 1 keer een belangrijk moment, samen met Els en zijn kinderen. En nu gingen wij dit voor papa doen, terwijl hij er zelf eigenlijk niet echt bij was. De “viering” was erg mooi, ik had zo’n ritueel nog nooit meegemaakt. Maar het feit dat papa al die tijd buiten bewustzijn was, was wel een domper. Nadien gingen we aan tafel zitten met de pastoor om alvast wat door te nemen over papa’s wensen rondom zijn eigen uitvaart. Het was de bedoeling dat papa daar juist zelf heel erg bij betrokken zou zijn, maar nu moesten we zelf de antwoorden vinden. Samen hebben we op papa geproost. Daarna werd papa even wakker, hij liet merken blij te zijn om ons te zien en flirtte en passant nog even met de verpleegkundige die zijn voeding kwam verwisselen. Heel even was papa weer terug. Toen zakte hij weer in die rare slaap, zijn ademhaling onregelmatig en rochelig en zijn lichaam schokte steeds. Het was verschrikkelijk om te zien, mensonwaardig. Zo ziek zijn, dat verdient geen mens. 

Toen de nachthulp kwam zijn Gijs en ik naar huis gegaan. ’s Avonds konden we allebei niet slapen. Na een korte nacht ging om 07.30u de telefoon. Els zei tegen Gijs dat we snel moesten komen, het kwam allemaal uit z’n neus en de nachthulp was al weg. Nog nooit eerder heb ik de kinderen zo snel de deur uit gekregen. Vriendin gebeld of ze daar terecht konden, kinderen uit bed, aangekleed, brood gemaakt en om 10 voor 8 waren ze de deur uit. In de spits schiet het natuurlijk niet echt op, zeker niet als je haast hebt, en dat hadden we. Hoewel we op dat moment eigenlijk nog dachten dat het de bedoeling was om Els te helpen met de verzorging van papa omdat ze er alleen voor stond. Toen we in Engelen bij de Haverleij aankwamen zagen we een ambulance-auto voor de deur staan. Ik ben uitgestapt terwijl Gijs de auto ging parkeren. Normaal gesproken neem ik de lift, maar nu ben ik letterlijk de trap op gevlógen. Boven stond de voordeur open, en Els en 2 vreemde mannen stonden in de deuropening op me te wachten. Een van de mannen stelde zich voor als de huisarts en vertelde me meteen “uw vader is overleden”. Ik heb Els vastgegrepen en gehuild en kon alleen nog maar zeggen “ik heb me zo gehaast, ik heb me zo gehaast”. De huisarts nam me bij de arm en begeleide me naar binnen, naar papa. Hij lag er zo akelig bij, z’n hoofd in een rare houding, zijn mond helemaal open. Later heb ik nog geprobeerd om zijn mond te sluiten, maar dat lukte niet helemaal, maar met een opgerold handdoekje eronder was het iets minder erg. Hij was nog helemaal warm en ik heb hem omhelsd en gehuild. Ik kon niets anders uitbrengen dan “oh papa, oh papa, ik hou van je”. Ik vond het ontzettend moeilijk om hem los te laten. Inmiddels was Gijs ook binnengekomen. De huisarts vertelde me in het kort hoe laat hij was gearriveerd, en wat hij nog had gedaan om het mijn vader wat gemakkelijker te maken en dat papa uiteindelijk steeds dieper sliep en uiteindelijk stierf om 10 over 8. 

Els had het zwaar en moest van de huisarts even gaan rusten. Toen de huisarts weer weg was ging Gijs de broer en zus van papa bellen, mijn oom en tante. Jeroen was nog onderweg. Gijs belde Theo en hij lichtte Babiche in, die ook meteen uit haar werk kwam. Zelf ben ik gaan sms-en en 1 vriendin heb ik gebeld. Want eigenlijk kon ik alleen maar huilen. Toen Els na ongeveer een half uurtje uit bed kwam heeft Gijs de Dela gebeld. En toen ging het balletje rollen. Jeroen kwam, ik ving hem bij de deur op en vertelde hem dat papa overleden was. Babiche kwam, zij wist het inmiddels al. 

Ome Frans, de jongste broer van papa, kwam ook langs, zo kon hij nog afscheid van papa nemen terwijl het lichaam nog warm was. Op de een of andere manier is dat gewoon prettiger. Ook Fons, de pastoor kwam. Hij zei verwacht te hebben ons snel weer te zien, maar niet zo snel. Achteraf is papa precies 12 uur na de bediening overleden. Karin, de uitvaartverzorgster van Dela, was inmiddels gearriveerd en legde op een hele fijne en rustige manier uit wat er allemaal moest gebeuren en hoe. We hadden ontzettend veel vragen, want wat weten wij nou van uitvaarten? Heel geduldig en duidelijk werd elke vraag beantwoord en uitgelegd. De kaart werd voorbereid en gaandeweg kreeg de uitvaart steeds meer vorm. Het was niet alleen verdrietig, we hebben ook gelachen. Er komen toch steeds weer herinneringen boven terwijl je ermee bezig bent. Karin vroeg of we zelf wilden meehelpen met de verzorging van papa’s lichaam en wat we daarvan mochten verwachten. Dat leek ons wel mooi om nog voor papa te kunnen doen, hoewel ik blij was dat je ook alleen mocht meekijken in plaats van echt helpen. 

Al die tijd lag papa nog steeds in die rare houding in het bed in de huiskamer, heel onwerkelijk eigenlijk. Het was ook niet prettig en ik vond het een beetje mensonwaardig, want je zag zijn lichaam per uur verslechteren. Rond 14 uur kwamen 2 mannen van Dela om papa’s lichaam mee te nemen. We verschansten ons op het balkon, want geen van ons kon het verdragen om te zien hoe papa op de brancard werd gelegd. Gijs bleef er wel bij en toen papa op de brancard lag hebben we nog wel afscheid genomen. Een kus en een kneepje in zijn hand. Maar hij lag zo akelig op die brancard, zo verschrikkelijk dood. Gijs is meegegaan naar de auto, om papa uitgeleide te doen toen hij voor de allerlaatste keer zijn eigen huis verliet. 

En toen was hij weg. Een leeg bed en een verschrikkelijk leeg gevoel bleef over. Els bleef thuis met haar dochter en schoonzoon en wij gingen naar het mortuarium om te helpen bij het verzorgen van papa's lichaam. 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten