Gisteren kreeg ik van UWV een brief terug. Het bezwaar was te laat bij ze aangekomen en wordt daarom niet in behandeling genomen. Uiteraard is er vandaag weer een bezwaar tegen het niet behandelen van het bezwaar uitgegaan. Wordt dus nog vervolgd.
Hieronder de brief die ik heb gestuurd om bezwaar te maken tegen de `hersteldmelding`. Uit privacy overwegingen heb ik de namen van betrokkenen uit de brief gehaald. De brief plaats ik hier om 2 redenen; ten eerste vertelt het hoe het nu eigenlijk met me gaat en ten tweede vertelt het hoe het UWV zijn macht misbruikt.
Mevr. D. Leemans-van Heijst
xxxxx
xxxxxx xxxxxx
06-xxxxxxxx
UWV
Afdeling Bezwaar en Beroep
Postbus xxxxx
xxxxxx xxxxxxx
Boxtel, 25 februari 2012
Betreft: Bezwaarschrift tegen herstelmelding d.d. 14
februari 2012
Bijlagen: artsenbrief
dr. xxxxx
1e
artsenbrief dr. xxxxx
2e
artsenbrief dr. xxxxx
CC: Dr.
xxx. xxxxx, MDL-internist JBZ
Dr.
xxx. xxxxx, reumatoloog JBZ
Mevr.
xxxxxx, reumaconsulente JBZ
Dr.
xxxx en Dr. Mevr. xxxxx, huisartsen xxxx
Mr.
xxxxxxx, jurist
Geachte heer, mevrouw,
Dinsdag 14 februari 2012 had ik om 11.00 uur een afspraak
met de controlearts mevrouw xxxxxx bij het UWV kantoor te ’s-Hertogenbosch.
In eerste instantie gaf mevrouw xxxxxx aan goed te
begrijpen welke fysieke problemen ik ondervind waardoor ik niet kan werken. De medische
specialisten waar ik onder behandeling ben hadden mij brieven meegegeven over
mijn gezondheidstoestand. Mevrouw xxxxxx wilde de brieven niet aannemen. Omdat
ik er op stond heeft zij de brieven opgenomen in mijn dossier. Zij zei dat ik mijn gezondheidstoestand goed
kon verwoorden en daarom de brieven niet nodig had.
Van het ene op het andere moment veranderde het gesprek, en
deelde mevrouw xxxxxx mij mee dat ze mij hersteld ging melden. Ik zou weer in
staat zijn het werk te doen wat ik deed voor
ik in de ziektewet kwam. Zonder toelichting nam zij haar besluit. Mijn
tegenargumenten en bezwaren deed zij af
met de opmerking dat ik dan maar bezwaar moet maken tegen deze beslissingen.
Bij deze teken ik bezwaar aan tegen deze beslissing.
Daarvoor heb ik de volgende argumenten.
1.
Op dit moment ben ik zieker dan toen ik in de
ziektewet terecht kwam; ik ben zelfs niet in staat zelf mijn huishouden
(volledig) te doen. Op het moment dat ik
in de ziektewet kwam had ik nog geen reuma. Ik slikte toen ook geen
antidepressiva.
2.
De arts weigerde inhoudelijk naar de
documentatie van mijn medisch specialisten te kijken. In plaats van serieus de mening van een andere
arts te overwegen bagatelliseerde zij
enkel mijn aandoeningen. Zij noemde mijn reuma “maar een vorm die bij Crohn
voorkomt en wel meevalt”. Zonder daarvoor bij mij aanwijzingen te hebben, stelde
zij dit.
3.
Mevrouw xxxxxx gaf als argument dat de Ziekte
van Crohn bij mij in remissie is. Maar de ziekte was al in remissie toen ik in
de ziektewet kwam. In remissie betekent dat er geen ontstekingen in de darmen
zitten. Sinds ik met de Remicade-infusen begonnen ben is het al in remissie
(febr. 2009. ). Van dit medicijn is bekend dat het lichaam hard moet werken om
virussen en bacteriën te bestrijden die eigenlijk vrij spel krijgen. Dat kost
me ontzettend veel energie. Dat enkel de ziekte in remissie is, kan geen argument zijn om mij hersteld te
melden.
4.
Indien zij mijn medische dossier had bestudeerd
en twijfel had over mijn fysieke gesteldheid, dan had een second opinion bij
een onafhankelijk arts opgevraagd moeten worden. De gevolgen van een besluit
als afmelden bij de ziektewet zijn zodanig dat een second opinion daaraan
vooraf moet gaan.
5.
Ze gaf aan dat ze mij na het overlijden van mijn
vader een half jaar extra de tijd heeft gegeven om zijn overlijden te verwerken.
Dit heeft niets te maken met mijn huidige fysieke gesteldheid. Dit klopt ook niet
want ik kreeg al binnen 1 maand na het overlijden van mijn vader oproepen van
de re-integratiemedewerkster . Dit kan dus niet als argument aangevoerd worden
om mij nu ineens uit de ziektewet te zetten.
6.
Mevrouw xxxxxx weet dat ik iedere ochtend terug
naar bed ga omdat ik anders de dag niet doorkom; en dat ik moe naar bed ga en
moe weer opsta. Deze uitputting is fysiek
een probleem en daarom krijg ik binnenkort een slaaponderzoek. Naast de bij mij
bekende factoren die mijn chronische vermoeidheid veroorzaken wordt gekeken
welke andere lichamelijke factoren een rol spelen. Mevrouw xxxxxx is op de
hoogte van dit onderzoek. Volgens mij is het zinvol om de resultaten van dit onderzoek
te betrekken bij een oordeel over mijn gezondheidstoestand. Met het resultaat
van het onderzoek zijn mogelijk andere oorzaken van mijn ziekte uit te sluiten.
7.
Nog steeds zijn na een half uurtje achter de computer zitten mijn voeten, benen en vooral mijn handen en
vingers verkrampt en pijnlijk door het reuma.
8.
Een baan waarbij ik achter de computer moet
werken, zoals in mijn laatste baan, is onmogelijk. Mevrouw xxxxxx had geen juiste
voorstelling van mijn laatste functie. Nadat ik die had toegelicht, wilde zij daar vervolgens niet meer op ingaan.
9.
De afgelopen jaren raakte ik steeds mijn baan
kwijt door de Ziekte van Crohn maar vooral ook vanwege de uitputting. Steeds
kwam ik door uitputting in de ziektewet terecht. Na elke baan was steeds het gevolg
hetzelfde, terug in de Ziektewet. Ik heb mijn grens bereikt. Ook hierop wilde mevrouw
xxxxxx niet ingaan.
10.
Het besluit houdt er geen rekening mee dat ik
nog moet ontdekken hoe ik op de werking van de medicijnen reageer. Enerzijds
brengen de medicijnen verlichting, anderzijds een chronische vermoeidheid. Om hierop met effect te kunnen reageren, dat
heeft tijd nodig om te ontdekken. De
werkdruk uit arbeid kan ik daar niet bij hebben.
Onderstaand zet ik mijn ziektebeeld uiteen en vervolgens
chronologisch mijn contacten met het UWV.
Bij mij zijn de volgende medische aandoeningen vastgesteld:
·
Ziekte van Crohn. Dit is een chronische
auto-immuunziekte waarbij het spijsverteringsstelsel door het eigen
immuunsysteem wordt aangevallen. Hiervoor krijg ik elke 8 weken een
Remicade-infuus op de dagverpleging van het Jeroen Bosch Ziekenhuis. Een van de
symptomen van Crohn is chronische vermoeidheid. Een van de bijwerkingen van de
Remicade is chronische vermoeidheid.
De ziekte is niet te genezen.
Door de ziekte in remissie te krijgen en te houden moet een redelijk dagelijks
leven het resultaat zijn. Alleen
zware medicijnen zorgen voor een relatief rustige spijsvertering al gaat dat
heel langzaam en ten koste van mijn lichamelijke conditie.
·
Reuma. Ook hier is sprake van een chronische
auto-immuunziekte. Mijn gewrichten en pezen raken gemakkelijk geïrriteerd en ontstoken.
Soms kan ik mij niet meer aankleden vanwege de pijn. Tegen het reuma krijg ik
MTX (Methotrexaat). Naast heftige en
plotseling opkomende gewrichtspijnen is een van de symptomen chronische
vermoeidheid. Een van de bijwerkingen van MTX is chronische vermoeidheid.
·
Zowel van de Remicade als de MTX is bekend dat
zij het immuunsysteem drastisch verlagen.
De gebruiker van deze medicijnen is daardoor extra bevattelijk voor virussen en
bacteriën. Het lichaam werkt onder deze omstandigheden extra hard om dit te
bestrijden wat de vermoeidheid verklaart.
Het grote aantal jaren dat ik last heb van de ziekte van
Crohn hebben invloed op mijn emotie. Tegen depressiviteit slik ik daarom als medicatie; Venlafaxine.
Overzicht van mijn ziekteverloop en van mijn contacten
met het UWV:
Totdat ik in de ziektewet terecht kwam was ik werkzaam. Ik had last van de ziekte van Crohn en door
de intensiviteit van deze baan nam de vermoeidheid toe. Op advies van de
huisarts kwam ik op 27 juli 2010 in de ziektewet.
In februari 2011 constateert de reumatoloog
een vorm van reuma die vaak voorkomt bij mensen met de ziekte van Crohn.
De medicatie die ik kreeg moest ik langzaam opbouwen vanwege het agressieve
karakter van de medicijnen. Dit medicijn heet Methotrexaat (MTX), wat ik in
tabletvorm ging slikken. Tegen de zomer van 2011 moest ik overstappen op een
hogere dosis die ik zelf moest gaan injecteren. Hierop kreeg ik sterke
reacties, waaronder een forse verhoging van de leverfunctiewaarden. Eind
november ben ik weer heel voorzichtig met MTX in hele lage dosis begonnen en
inmiddels injecteer ik weer, nog altijd een veel lagere dosis dan waar ik zo
ziek van werd.
Inmiddels werd ik door mevrouw xxxxxx doorverwezen naar
mevrouw xx xxxxx, re-integratiemedewerkster bij UWV. Zij zag bij mijn eerste
bezoek op 4 augustus 2011 dat het geen zin had om met mij aan de slag te gaan.
Ik was te ziek door het gebruik van de MTX.
Door de reactie op de MTX moest ik er direct mee stoppen, waarna de
gewrichtspijnen in alle hevigheid terugkwamen. Wel was de leverfunctie na 4 weken terug op de normale waarden.
Op 3 november 2011 werd ik geopereerd aan een navelbreuk.
Ik kreeg een oproep om op 10 november 2011 weer bij mevrouw xx xxxxx te komen,
maar omdat ik nog herstellende was van de operatie had ook deze afspraak op dat
moment weinig zin. Mevrouw xx xxxxx had geen concrete of bruikbare adviezen.
Voor donderdag 1 december kreeg ik weer een oproep, maar
deze werd door UWV afgebeld wegens ziekte van mevrouw xx xxxxx.
Vervolgens werd ik
19 januari 2012 opgeroepen. Dit keer moest ik afbellen omdat ik toen
kampte met griep en koorts. We maakten meteen een nieuwe afspraak voor 2 februari.
Hier was ik naartoe onderweg toen ik problemen met de auto kreeg waardoor ik de
afspraak niet kon halen. Ik heb vanuit de autogarage direct opgebeld naar UWV om
dit door te geven en er werd mij verteld dat ze een nieuwe afspraak per post
zouden verzenden.
Tot mijn verbazing, maar ook opluchting bleek de volgende
oproep, voor 14 februari niet bij mevrouw xx xxxxx, maar bij de arts, mevrouw xxxxxx
te zijn. Opluchting, omdat ik toch al van plan was om mevrouw xx xxxxx te
verzoeken mij terug te verwijzen naar de arts, daar het helemaal niet goed met
me gaat.
Ik ben van mening dat mevrouw xxxxxx niet kon besluiten
mij af te melden bij de Ziektewet. Zij heeft onvoldoende relevante informatie
over mijn ziekte verzameld en geweigerd die van collega-artsen te gebruiken.
Het besluit mij af te melden bij de Ziektewet komt niet overeen met mijn
feitelijke situatie. Nog steeds heb ik dagelijks last van de ziekte van Crohn. Alleen
zware medicijnen zorgen voor verlichting, al gaat dat heel langzaam en ten
koste van mijn lichamelijke conditie. Dit geldt ook voor het Reuma.
Het besluit van 14 februari 2012 kan dan ook niet in
stand blijven.
Hoogachtend,
Mevrouw D. Leemans-van Heijst
Geen opmerkingen:
Een reactie posten